Taal en rekenen onmisbaar in elk 21st century skills-pakket

Nelson Mandela zei ooit: “Als je tegen iemand praat in een taal die hij begrijpt, dan bereik je zijn hoofd. Als je tegen iemand praat in zijn eigen taal, dan bereik je zijn hart.” Filmmaker Federico Fellini beklemtoonde het zo: “Een andere taal is een andere visie op het leven.” Kortom: als je je talen spreekt, gaan nieuwe deuren open. Maar, dat wisten Harry Velraeds, docent AVO en Bard Jansen, docent Engels en rekenen al lang. Vandaar dat ze zich ook hard maken voor het integreren van talen en rekenen in álle beroepsopdrachten. In dit interview leggen ze uit hoe ze dat voor zich zien.

21st century skills-pakket

Binnen de opleidingen van het Techniekcollege worden alle opleidingen ingericht rondom de integrale beroepsopdrachten (IBO’s). Dat betekent dat ons onderwijs niet langer meer een verzameling van vakken is, maar een onderwijsaanbod dat ingebed is in en doordrenkt is van de (eigen) beroepspraktijk.

Harry: “We willen Nederlands, rekenen en Engels (voor niveau-4-opleidingen) ook aanbieden als vaste onderdelen in ons onderwijsaanbod. Wij vinden dat er helder en correct gecommuniceerd moet worden in het beroepenveld. Nederlands en Engels kunnen niet gewoon even afgevinkt worden met een voldoende op een examen. Nederlands, rekenen en Engels behoren gewoon tot de dagelijkse bagage van iedereen. Wil je tegenwoordig kans van slagen hebben in de maatschappij, dan zijn Nederlands, Engels en rekenen onmisbare eigenschappen in je 21st century skills-pakket. Op alle niveaus (BPV, bedrijf, school, contact met collega’s, management, deelnemers onderling) moet het belang van taal en rekenen steeds aan de orde gesteld worden.” Bard knikt: “De IBO’s zijn leidend voor alle andere onderwijsactiviteiten en hebben in de BBL-opleidingen al bewezen een krachtig instrument te zijn. Binnenkort richten ook de dagopleidingen, de zogenaamde BOL-variant, hun onderwijs zo in.”

Dynamiek

De neuzen van beide heren staan dezelfde kant op. Bard: “Wij gaan aansluiten bij de dynamiek van onze huidige samenleving en bij regio-specifieke aspecten. Voor de talen betekent dit dat wij binnen ons onderwijsprogramma extra aandacht hebben voor het groeiend aantal deelnemers voor wie Nederlands de tweede taal is (of nog moet worden). Daarnaast hebben wij als grensregio uiteraard veel te maken met Duitstalige werknemers in Nederlandse bedrijven en vooral ook met Duitse handelspartners/afnemers. Dat betekent ook een keuzemogelijkheid voor bijvoorbeeld Duits in ons programma.”

Efficiënter werken

Harry vertelt dat het ook de bedoeling is om efficiënter te gaan werken. “Voor rekenen betekent dat bijvoorbeeld dat we het niveau bepalen voordat mensen aan een opleiding beginnen. Deelnemers met het vereiste niveau krijgen vrijstelling. Deelnemers met hiaten bieden we maatprogramma’s. Zo voorkomen we frustraties en dubbel werk voor iedereen.”  

backmapping     

Klinkt leuk allemaal, maar hoe integreren we Nederlands, Engels en rekenen dan in het aanbod? Bard: “De vaardigheden spreken, gesprekken voeren en schrijven integreren we in ons IBO-onderwijs door ze te laten aansluiten bij natuurlijke examenmomenten. Dat betekent dat we eerst de examens samenstellen en vervolgens leiden we daaruit af wat we in ons onderwijsaanbod gaan doen om de deelnemer te helpen op weg naar de examens. Dat heet backmapping: we beginnen aan de eindstreep en leiden daaruit af hoe de weg naar die eindstreep loopt.”

 Examens als leidraad

De examens zijn leidend voor de invulling van het onderwijsaanbod, maar omdat we (nog) geen invloed kunnen uitoefenen op de inhoud van deze examens moeten we onze deelnemers toch goed voorbereiden. Taalvaardigheden, lezen, praten en luisteren maken daarom onderdeel van de dagelijkse praktijk. Bard laat in de hangaar bijvoorbeeld leerlingen in het Engels uitleggen welke veiligheidsregels en procedures er gelden. Want “dat zijn toch de opdrachten die straks ook in de praktijk voorkomen”, klinkt het. “Maar er kan wel nog een slag geslagen worden door oefeningen in de IBO’s op te nemen die deze taalvaardigheden nog concreter en voor onze deelnemers zo ook zinvoller maken”, vindt Bard.

Gelukkig is die ruimte er. Ruimte om in te spelen op specifieke situaties en regionale verschillen. Dat is ook precies hoe Harry het voor zich ziet. Hij droomt ervan om taal en rekenen volledig te integreren in alle beroepsopdrachten. Harry: “Elke docent begeleidt en coacht zijn studenten op het vlak van praten, luisteren en schrijven. Als dát lukt, wordt de taaldocent min of meer overbodig.” Belangrijk vindt hij ook dat docenten het werkveld kennen. “Een trainer moet het zweet van de kleedkamer kennen, zei ooit Rinus Michels. Die taal moet je spreken. Als werknemer, maar ook als docent. Docentenstages zijn daarbij een prima middel.”

Harry Velreads

Musicus, verwoed dammer, dirigent, zanger in een rockband, solist bij diverse koren, onderwijskundige (UU), docent AVO bedrijfsopleidingen. Vader van 2 zonen (22 en 25), gek van rekenen en taal, bouwjaar 1957.

Bard jansen

Highschool in USA, docent Engels, rekenen en LOB docent bij Luchtvaarttechniek, bedrijfsopleidingen en elektrotechniek, gek van fotografie en zijn bruine labrador, bouwjaar 1987.

Peter Tillmann  Tech2Create