Clubhuis van de toekomst

Stel je eens voor 2025: Je loopt in Sittard het Techniekcollege binnen om koffie te drinken met oud-collega’s. Bij binnenkomst in de ontvangsthal valt je oog meteen op de enorme fabrieksmaquette, lampjes branden en duiden de onderdelen. Bezoekers zitten te overleggen in gezellige zithoekjes. Wauw, wat een dynamiek heerst er in dit clubhuis. In een flits zie je oude bekenden uit het bedrijfsleven. Ze zijn op weg naar een van de ontmoetingsplekken in het clubhuis van het Techniekcollege, dé plek waar bedrijven, studenten en opleiders elkaar ontmoeten. Hier klopt het opleidingshart. Studenten komen en gaan. Ze zijn op weg naar hun praktijkomgeving midden tussen de lescontainers. Eerstejaars kijken nog wat onwennig op hun smartphone; waar moeten ze het eerste uur zijn? Ze zoeken vermoedelijk welke van de stoere blauwe lescontainers hun instructieruimte is. Je loopt langs startup bedrijfjes. Gaaf, hier kun je terecht met je pc en even verder kun je je vijverwater laten analyseren. Studenten uit de wereld van onderzoek en industrie staan je deskundig te woord. Studenten lopen langs de studentenhuiskamer en hebben tijd voor een latte macchiato uit hun eigen DREAMS loungecafé. Daar treft de 18-jarige Stefan zijn overbuurman Piet 46 jaar die een versneld traject in de procestechniek volgt. Onlinetrainingen begeleid door werknemers uit bedrijven.

Als het aan onze directeur Ferdinand van Kampen ligt, is dit niet louter fictie, maar werkelijkheid in 2025. Zijn toekomstvisie liegt er niet om. Ferdinand is een mensen-man. Iemand die door schade en schande wijs is geworden. Iemand met levenservaring. En iemand met de overtuiging dat je juist het goede in de mens moet aanspreken om hem zo te motiveren om mee te veranderen.

100 dagen heeft hij er inmiddels opzitten. Dat leverde onze directeur Ferdinand van Kampen een aardig beeld op van ons Techniek college. En een duidelijke visie op veranderen. Die deelt hij in dit interview. De kern? Vrijheid en vertrouwen binnen duidelijke kaders zijn essentieel om te kunnen innoveren.
Waar staan we?

Ferdinand: “Op het vlak van verbinden, met teams, bedrijven en andere onderwijssectoren, hebben we meters gemaakt. Daar scoren we nu al een voldoende op. Nog beter gaat het met onze onderwijskwaliteit, de onderwijsresultaten en onze financiële positie. De inspectie beoordeelt al onze opleidingen met voldoende of goed, de uitvalpercentages zijn gedaald en qua financiën draaien we nu volgens de begroting. Bij onze werkprocessen hebben we goed in beeld waar de schoen wringt.

Met ons Techniekcollege zijn we nog niet waar we willen zijn. Er liggen stevige uitdagingen op het vlak van professionaliseren en innoveren.”

Waarom innoveren?

Ferdinand: “We gaan een ongekende krapte op de arbeidsmarkt tegemoet. Samen met bedrijven zullen we alles uit de kast moeten halen om mensen op te leiden. Soms tot een diploma, vaak tot certificaten. We zullen beter moeten anticiperen op nieuwe doelgroepen: mensen die al wat ouder zijn, vluchtelingen, werkenden en studerenden uit allerlei disciplines. Dat vraagt de nodige flexibiliteit van ons onderwijsaanbod. Plus het stelt totaal nieuwe eisen aan onze didactische en pedagogische kwaliteiten. Als over enkele maanden de fusie tussen Arcus en Leeuwenborgh een feit is, komen er vier programma’s waarin we zaken op het gebied van onderwijsaanbod (ICT), instroom en flexibilisering steviger kunnen gaan ontwikkelen en toepassen. Samen met de partners om ons heen zullen we in ecosystemen gaan innoveren en transformeren op weg naar de situatie die er in 2025 is.”

En die situatie is?

Ferdinand: “In 2025 hoeven studenten niet alleen maar lessen te volgen in jaarklassen. Leren kan voor sommige onderdelen thuis op de bank. Er zullen nog meer coaches en studiebegeleiders komen die de student juist op het goede moment het steuntje in de rug geven. Wij op onze beurt kunnen de deelnemers in hun studie, deels binnen de bedrijven, nauwkeuriger volgen dankzij modernere technieken bijvoorbeeld met learning analytics. Zo krijgen docenten op tijd een seintje als het met student x in leertraject y niet goed gaat. Wat trouwens niet zal veranderen is onze werkmethode in werelden.”

Die Techniekwerelden zijn dus belangrijk?

Ferdinand: “Innovaties vinden altijd plaats op het snijvlak van vakken en disciplines binnen eenzelfde wereld. Dankzij onze vijf werelden zijn we veel beter in staat om studenten van een breder opleidingspallet te laten proeven. Er komen als bijna vanzelfsprekend crossovers tot stand. Denk bijvoorbeeld aan de laborator (laborant en operator). Elke wereld heeft zo een eigen cultuur en communicatie. Door studenten onder te brengen in zo’n wereld ervaart hij dagelijks het belang van bij die wereld horende zaken.”

Past onze toekomstvisie bij de behoeftes van de bedrijven?

Ferdinand: “Tijdens bedrijfsbezoeken krijg ik regelmatig de vraag: ’kunnen jullie zorgen voor een goede voorbereiding op het werk dat door de deelnemer gekozen is?’ Kortom: maak de mensen meer arbeidsfit: train ze in het nakomen van afspraken, nauwkeurigheid, de juiste beroepshouding en de bij de wereld passende manier van communiceren. Daar ligt dus een belangrijke taak voor ons als opleiders: in het socialiseren van mensen.”

Peter Tillmann Tech2Create onderdeel van het Techniekcollege